OP DE VALREEP

Geschreven door Arnold op 17 juli

Het is al te lang geleden dat ik hier een blogbericht plaatste. Maar ja, de jaren gaan tellen en het verzamelen van informatie en het formuleren van het bericht kost mij nu eenmaal meer energie dan voorheen. Maar gelukkig is het mij weer eens gelukt.

Begin mei lukte het mij om in de gehele Afdeling Oost de 2e prijs Quiévrain te behalen tegen 7490 duiven. Neil is een halfbroer van Catch the Wind, mijn topper van 2025.

Verder heb ik dit jaar veel plezier beleefd aan de Eerste Reserve . Hij wist regelmatig goed te pieken. Bijzonder is, dat hij in mijn weduwnaarshok met 12 bakken geen broedhok heeft gekregen. Ik hield hem – de 13e doffer – als reservedoffer aan. Zo had ik ook een reserveduivin.   Ik heb die twee in het voorjaar  gekoppeld op de grond in het duivinnenhok, 1 meter breed.     Toen de duiven op totaal weduwschap gingen, heb ik de Eerste Reserve gewoon bij de doffers gevoegd. Al gauw veroverde hij een klein zitplekje, in de hoek van het hok, tussen de deur en het raam.Als er op de inkorfdag getoond werd, zette ik de tussendeur open en de duivinnen stoven op hun doffers af en hij verkaste naar het duivinnenhok, waar hij zijn duivin vond, die ik intussen een broedschaal op de grond had gegeven.

Een duif hoeft niet altijd een luxe duivenhok te hebben om te presteren. Een beperkt territorium blijkt ook te kunnen werken. Zijn nestzus, Toppertje 544 , deed niet voor haar broer onder. Beide komen uit een geslaagde koppeling ingeteelde doffer x ingeteelde duivin. De vader komt uit de Blue Surprise x  zijn eigen dochter .  De moeder, het Laatje, afkomstig van Johan de Vries, is ingeteeld naar zijn Superkoppel, met een vleugje Pogacar.

Halverwege het vliegseizoen voor de oude duiven kreeg ook ik een paar vluchten te verwerken met een lastig en traag verloop.  Drie doffers en een duivin bleven achter.       Ik heb toen een paar kweekdoffers in het weekend te laten invallen                       Bovendien heb ik toen mijn beste duivin Catch the Wind  naar het kweekhok verplaatst.

We zijn intussen aan de  jonge duivenvluchten begonnen, en dat ging hier niet voorspoedig.  Van de eerste concoursvlucht kwamen ze traag af en ik verloor er 5.                               Ik kon ze maar niet  onder controle krijgen en ze zaten er niet strak bij. Daarom korfde ik ze niet in op de tweede concoursvlucht. Omdat ik bijna een week moest wachten om ze bij Nanne Wolff te laten nakijken, bedacht ik zelf maar een diagnose: Het móest wel zo zijn, dat ze leden aan “het geel” en/of ornithose. Daarom gaf ik ze in de nieuwe week meteen een kuur voor beide ziektes.

En zo kwam zaterdag  de 18e juli, een dag waar ik enigszins gespannen naar uitzag.  Eerst moesten  de jonge duiven komen. Ze waren gelost in Geel, voor mijn duiven 168 km.

 Het vlieghok, 3 afdelingen, in totaal  4m20 x 2m70

 Gezien de voorgeschiedenis had ik niet de illusie een fantastisch uitslag te kunnen maken.  “Ze hoeven niet vroeg te zijn, als ze maar terugkomen”, dacht ik.  En precies zo geschiedde het. Iedere keer, dat er één of een paar kwamen, veerde ik op. En steeds meer kreeg ik het gevoel: Ze móeten  nu wel gezond zijn. En zo “druppelde” het de hele middag jonge duiven.

Intussen  waren de oude duiven al 9 uur onderweg, gelost voor de laatste dagfondvlucht vanaf Issoudun, 685 km.  Terwijl ik nog op de laatste jongen stond te wachten, wist ik, dat mijn duiven vanuit Issoudun ook binnen niet al te lange tijd zouden kunnen komen, gezien de eerste meldingen vanuit het zuiden vanuit onze Afdeling Oost.  Ik had er 10 ingezet, waarvan 6 jaarlingen.  Het wachten duurde langer dan ik had gewacht. We zaten door de NW-wind niet gunstig in de afdeling en de eerste duif in onze sterke vereniging De Postduif, Kampen bleef ook maar uit. Toen zag ik een duif met zoveel bravoure  naar beneden duiken en nog een uitdagend ererondje maken, dat ik dacht: “Dat kan geen jonge duif zijn.”   En inderdaad, het was mijn driejarige , laatste zoon van mijn stamvader Blue Surprise!!!   

Wat een kick kreeg ik daarvan!!  Hij won de eerste prijs in de club!  En net als op de eerste dagfondvlucht vloog hij weer een mooie kopprijs in de gehele afdeling, (zie stamkaart) Er vlogen 3 van mijn 10 ingezette   duiven in de prijzen, maar gezegd moet worden dat de vierde ook nog goed op tijd  zat. Maar op de een of andere manier heeft hij de antenne omzeild . Ik zag hem naar binnen lopen, maar ik heb niet gehoord en gecontroleerd of hij geregistreerd was.                       Deze drie jaarlingen hebben zich zaterdag van een vaste plek in het hok verzekerd.

De winnaar heb ik Knopfler “gedoopt” .   Mark Knopfler is de lead-gitarist van Dire Straits, een Britse band die fantastische muziek maakte.

Op de valreep weer een eerste prijs vliegen in de sterke vereniging De Postduif,Kampen DAT GEEFT DE DUIVENHOUDENDE BURGER WEER MOED  

Voor de liefhebbers: Dire Straits  speelt  het toepasselijke nummer Going Home

EEN BIJZONDERE KENNISMAKING

Blog mei, geschreven door Arnold.

Het is 20 mei 2026, een uur of 6 en mijn telefoon gaat af:  “Met Jan Schreurs;, ik heb een jonge duif van je opgevangen.”  “Waar woon je en wat is het ringnummer” vraag ik. “Het ringnummer weet ik zo niet; Ik woon in Oldebroek.”  Ik zeg: “Ooh, dat kan kloppen, want ik heb ze gisteren opgeleerd vanaf Oosterwolde. En ik miste er inderdaad nog één.”  Jan vertelt: “Ik  heb al heel lang duiven, maar ik heb er niet meer zoveel als vroeger. Ik ben ook al 80 jaar.”    “Zoooo”, zeg ik, “Naar jouw stem te horen had ik je ingeschat op 40 jaar. Kan ik morgen de duif komen ophalen, want ik wil de jongen morgen naar Oostendorp brengen , even verderop.”  Dat was geen probleem, als ik van tevoren maar even belde.

Toen ik de volgende dag mijn jongen in de mand had gezet, gingen mijn gedachten weer naar het telefoongesprek van de dag ervoor: Wat mooi dat een 80-jarige  op die leeftijd nog zo’n kwieke, actieve, duivenmelker is.( Ik ben zelf ook al 75!!)  En toen kreeg ik een idee: In het kweekhok liep nog een enkel halfwas jong uit mijn goede lijnen van Johan de Vries. Ik dacht: “”Die Jan kan ik daar vast wel een groot plezier mee doen.” Omdat hij nog te jong was, besloot ik even een stamkaart van het jong te printen. Vervolgens ging ik op weg met mijn 35 jongen, en een stamkaart in mijn jaszak. Vanuit Oostendorp vertrokken de jongen vrij vlot. Vervolgens ging ik naar de Zuiderzeestraatweg in Oldebroek, één van de langste straten van ons land.

Ik werd hartelijk ontvangen en we kletsten wat over en weer. Ook nam hij mij mee naar zijn zolderhok , op een grote schuur. De deur van het vlieghok ging open: Er zaten inderdaad 16 broedbakken in, waarvan er maar 9 bezet waren. Vanaf het bordes voor het hok had hij een prachtig uitzicht om duiven op te wachten.

“De vloer schoonkrabben, dat kan ik niet meer. Ik ben vroeger timmerman geweest en mijn knieën zijn niet zo goed meer, dus ik heb nu hennepvezels op de vloer.”

Eenmaal weer op de begane grond, vertelde ik dat ik het zo leuk vond dat hij nog zo’n actieve melker is. Staand in zijn mooie tuin vertelde ik, dat ik als dank nog een cadeautje voor hem had meegenomen. Ik gaf hem de stamboomkaart en lichtte die toe. Hij ondersteunde zijn antwoord met een ferme klap op mijn schouder en zei: “Zoiets heb in al die jaren nog nooit meegemaakt.”  Die woorden lieten mij natuurlijk niet onberoerd. Ik vertelde hem dat het jong over ongeveer 10 dagen speenklaar zou zijn. Toen overhandigde hij mij mijn verdwaalde jonge duif. “Dit lijkt mij een dagfondduif,”zei hij.  “Dat kan kloppen” zei ik, want ik mik op de Midfond en de Dagfond. Het duifje was nog in goed conditie. Toen zei ik: Morgen korf ik weer in voor de eerste dagfondvlucht van dit jaar. Vorig jaar vloog mijn topduivinnetje Catch the Wind  een 7e NPO tegen duizenden duiven. We wensten elkaar succes en gingen uiteen. Thuis aangekomen nam ik het duifje uit de mand en liep ik rechtstreeks naar het hok, waar ik een overzicht van alle jongen heb opgehangen. “Eens kijken, waar die uit komt.” dacht ik. Al snel vond ik hem. “Hoe is het mogelijk,” dacht ik “Hij komt uil Catch the Wind!!!!”  Ik besloot Jan dit pas te vertellen op de dag dat hij zijn jong zou komen halen.

Na een dag of 8 belde ik Jan, dat hij het jong kon komen. Hij was er erg blij mee en vond het ook heel apart, dat hij juist een jong uit mijn topduivin had opgevangen.

Op de vloer van het kweekhok zag hij ook nog twee speenklare kras jongen zitten. Gekweekt uit twee rechtstreekse duiven van Gerrit Jan Beens.

 “Zijn die te koop?, vroeg hij.  “Nou ik wil ze eerdaags op Duivenmarktplaats zetten. Maar.. heb je er belangstelling voor, wil jij ze kopen?, vroeg ik.  Dat had Jan terdege!  Ik noemde mijn prijs  maar dat was hem teveel. We waren er al gauw uit: Jan kreeg beide jonkies mee voor de helft van de beoogde prijs “Ach, ik gun je ze wel, neem ze maar mee.”    Bij het afscheid zei hij: “Ik geloof dat ik ze maar voor de kweek bewaar.”

WE ZITTEN NIET STIL: 2026 VOL VERNIEUWINGEN.

Geschreven door Matthijs

Tussen alle bedrijvigheid door een nieuwe blog.  Op het moment van schrijven zijn bij Arnold de eerste jongen van de kwekers bijna groot genoeg om op eigen benen te staan. De tweede ronde eieren ligt in de nestschalen, tot nu toe een goede kweek. 

Waar we vooral niet stil zaten, was het plannen maken en voorbereiden van een nieuwe uitdaging.  Wel, ik heb met mijn vriendin Annelies het ouderlijk huis van Annelies aan kunnen kopen.   Een mooi ruim huis met genoeg plekken voor een gezin van 6.  Mooie bijkomstigheid is de ruimte om het huis heen, een grote voortuin met gedeelde oprit en een ruime achtertuin. 

Al gauw werden plannen gemaakt: het huis wordt compleet verbouwd en vernieuwd en we hopen er dan rond de bouwvak te kunnen wonen.  En ja dan moeten de duiven natuurlijk ook verhuizen.  Gelukkig mocht er al vroegtijdig geklust worden en kon er voor de sleuteloverdracht al een duivenhok geplaatst worden

De bestaande schuur staat richting het noorden. Dit is verre van ideaal voor een duivenhok.  In een later stadia kwam er een andere optie en dat was de schuur demonteren en deels als schuur/ kweekhok te gebruiken. Dit zodat de vliegafdeling op het westen staat gericht. De week dat we van start zouden gaan viel er ruim 10 cm sneeuw dus de start werd 2 weken opgeschoven. Achteraf prima, want we hadden een super 1e week qua weer en dit resulteerde erin, dat er na een week een compleet hok stond inclusief isolatie en aftimmering aan de binnenzijde. Ondertussen is het hele hok klaar op een klein stukje dakgoot na. De duiven zitten nu ruim een week in het hok en zijn ondertussen gekoppeld.  Vandaag 10-2 zijn ze voor de eerste keer los geweest. Dit hoop ik de komende dagen te herhalen zodat ze snel hun nieuwe stekje weten te vinden.

De bouw van het hok liep voorspoedig.  Hopelijk gaat dat ook zo met de verbouwing in huis .We hebben er in ieder geval veel zin in en hoop hier lang te mogen genieten van Annelies de kids en de duifjes. 

Hierbij wil ik nogmaals mijn dankbaarheid uiten naar Pa en Schoonvader die mij enorm hebben geholpen. En de goede zorgen voor de inwendige mens door schoonmoeder. 

Binnen aanzicht vlieghok oude duiven. 

ALS HET NIET KAN ZOALS HET MOET, MOET HET MAAR ZOALS HET KAN.

Dit motto  speelde mij dit jaar vaak door het hoofd, als ik nadacht over hoe de duivensport in elkaar zit.  Jarenlang had ik de kwekers van mijn vader onder mijn hoede en dat bracht ook mooie resultaten: Door mij samengestelde koppels zorgden  voor een leuk aantal Teletekstduiven. Maar nu ik start met een Teletekstplek, vind ik het erg mooi, dat het om een duivin gaat, die door mijn vader uit zijn vliegduiven is gekweekt.


In 2022 ben ik gescheiden. Na een heftige periode ging ik weer denken over en bouwen  aan de toekomst. Pa had al vaker aangegeven dat  twee disciplines spelen – dagfond én overnachtfond – hem te veel werd.   Bij mij groeide het verlangen om zelf weer deel te nemen aan de wedvluchten. En zo kwam ik in het najaar van 2023 op het idee om dagfond en overnacht te gaan splitsen:

Pa alle dagfondduiven ( kweek- én vliegduiven) en ik alle overnachters            (ook: kweek- én vliegduiven). Dit zou Pa meer rust geven  en ik zou dan ook van eigen adres kunnen spelen.


In 2024 startte ik dan vol enthousiasme met 45 jongen. Ik had ze goed afgericht en flink ingespeeld, maar zoals bij  velen gingen er ook verloren.

Na een wat teleurstellende Bergerac 2024 bij Pa, plaatste ik de 2 overgebleven driejarige  vliegduiven en  11 tweejarige op mijn hok in Kampen. Door vakantie kwam het er op dat moment niet van om ze snel los te laten. Bij terugkomst van vakantie hadden de meeste een nestje en werden deze duiven binnen 3 dagen overgewend.  Aangevuld met mijn overgebleven jongen kon ik met 17 koppels vliegduiven starten.


Er volgde een voorjaar met veel wind tegen maar de duiven kwamen goed en naar tevredenheid naar huis.  Tien duiven werden klaar gemaakt voor Ruffec.  Acht tweejarigen en twee jaarlingen die gekoppeld stonden aan tweejarige.   De meeste hadden een neststand van 10 a 12 dagen broeden.

Toen het zover was, bleken de weersvoorspellingen slecht en al snel leek lossen op Pinksterzondag de beste optie.  Dit gebeurde ook; om 15.00 uur begon de terugreis. De voorspelde windrichting zou vermoedelijk nachtvliegers geven en alles leek erop dat het een onrustige nacht zou worden.   Ik was van plan om op de bank in de overkapping te gaan liggen/slapen maar hier was zo veel omgevingsgeluid dat slapen niet te doen was.  Dus ben ik maar met kleren aan op bed  gaan liggen. Het raam bleef open. Op 6 meterafstand van de  valklep moest dit lukken. Rond half 1 moet ik in slaap zijn gevallen en rond 2 uur werd ik weer wakker.

Bij raadpleging van Compuclub bleek dat er in Utrecht al duiven waren,   dus was ik weer snel uit bed. Ik ging eerst vrij rustig aan de koffie, maar er kwam toch een onrust over me. Daarom ben ik eerst naar de Groenendael gereden want dierenarts Nanne Wolf constateerde een week eerder, dat ze er mooi op  stonden. “Laat je pa er maar uit gaan als  nachtvliegers te verwachten zijn, want dan kunnen die oudere duiven doorschieten naar het hok van je vader aan de Groenendael”.

Nu zaten pa en ma lekker op de camping dus ben ikzelf even heen en weer gereden om de situatie te controleren. Voor de zekerheid heb ik ook de vlag uitgestoken, die mijn pa hanteert bij het trainen. Om kwart voor 4 ging ik nog eens kijken, voordat het echt licht zou worden, maar daar zat nog steeds niets.


Terug thuis liep ik achterom en zag ik een schim op het dak van het huis zitten. Ik floot en riep en na een eerste mislukte landing was het bij de tweede poging wel raak: Een tweejarig overgewend duivinnetje viel op de klep !  In alle spanning wist ik toch nog een filmpje te maken.                            En ja hoor: Al gauw bleek dat ik in de kop van de meldlijst van onze afdeling stond.  Wie had dat durven dromen !!! Mijn debuut op de marathon had niet beter gekund. Dus vanaf nu zal deze dame door het leven gaan als de Debutante !!  

PLOTSELING INSPIRATIE GENOEG

Heb je mij in de afgelopen jaren via Facebook of via mijn site gevolgd?       Dan is het jou vast en zeker wel opgevallen, dan het – qua schrijven van blogberichten – bijna een jaar lang erg stil geweest. De oorzaak daarvan is simpel dat er te weinig aanleiding was om een bericht te schrijven en ik me er maar moeilijk toe kon zetten.

In het laatste bericht van juli 2024 heb ik aangegeven, dat er een grote verandering op komst was:   Na 20 jaar op zowel  de eendaagse fond als de meerdaagse fond te hebben gespeeld op nest,  zou het gaan gebeuren, dat ik mij alleen nog  op de eendaagse vluchten zou toeleggen.    En dan door middel van dubbel weduwschap. De marathonduiven zijn verhuisd naar het hok van onze zoon Matthijs, die dit jaar een start maakt op de marathon vluchten.

In het stille seizoen heb ik mijn hokken dan ook aangepast. Gevolg is wel, dat de afdelingen wat kleiner zijn geworden. Maar ja, al bijna 50 jaar ben ik hier  bezig de beperkte ruimte zo effectief mogelijk te benutten. Ik heb rigoureus geselecteerd en slechts één koppel tweejaarse duiven aangehouden, mede omdat ik een mooie, ervaren ploeg jaarlingen had overgehouden aan het seizoen 2024.

En dan begint het vliegseizoen….. Het was best moeilijk om het systeem van dubbel weduwschap tot mijn routine te maken. Met 12 koppels en een reserveduivin ben ik van start gegaan. Daarvan zijn intussen twee duivinnen afgevallen.  De prestaties vond ik tot nog toe best verrassend: er werden leuke prijspercentages gehaald en af en toe een paar mooie kopduiven.

Toen kwam maandag 26 mei. Zoals ik me vóór het seizoen al had voorgenomen, had ik de donderdag daarvoor alleen het koppel tweejaarsen ingekorfd. Vooral de duivin, die al een paar puike prijzen had gewonnen, zag er geweldig uit en voelde fantastisch aan. Door slecht weer moest de lossing zowel op zaterdag als zondag afgelast worden. Die dagen fantaseerde ik een beetje hoe die duivin het eraf zou brengen, want ik was gewoon overbluft door haar topconditie. Maandag kon er uiteindelijk tegen 7 uur wel gelost worden bij een half bewolkte hemel en een zuidwesten wind.  Vanaf een uur of 12 bleef ik de meldingen volgen. Op een gegeven moment kreeg ik een indruk hoe laat de kopduiven in onze regio zouden moeten aankomen. Die laptop gaat dan wel verslavend werken!!

Ik zat daar dan ook nog achter – met uitzicht op de hokken – toen ik nog net zag dat mijn favorietje van de punt van ons dak naar het hok dook. “Heeft ze het dus toch weer geflikt!”, dacht ik. Omdat mijn duiven sinds dit jaar automatisch gemeld worden zag ik binnen een paar minuten dat ze werkelijk een topprestatie had geleverd. Ze stond – voorlopig???-  op de 7e plek.  Meteen zag ik ook dat clubgenoot Johan de Vries, die zijn hele vliegbestand had ingezet,  er warempel al 3 voor mij geconstateerd. En vlak achter mij stond ook nog clubgenoot Gerard van den Berg.


Een half uur na de duivin was ook de doffer binnen en kon de klep dicht. Hij vliegt nog een nette prijs 1 op 10.   Omdat ik geen duif meer op te wachten had, besloot ik na een poosje Johan te gaan feliciteren met zijn schitterende uitslag. Bij mijn aankomst was hij nog steeds bezig duiven binnen te roepen – voor zover dat nodig was – en ook kreeg hij al enkele telefonische felicitaties. Ik liet Johan eerst nog even zien dat mijn toppertje drie grootouders heeft, die van zijn hok afkomstig zijn. Als je in de stamkaart de Blue Surprise trouwens opzoekt, dan zie je dat mijn duivin de vierde in lijn is die Teletekst vliegt.

Twee andere duivenmelkers hadden vanaf het begin de stroom aan terugkerende duiven gade geslagen. Zij vertelden samen met Johan, dat het begonnen was met een groep van 5 duiven, die ze zagen aankomen. Drie ervan doken naar beneden, de andere twee draaiden nog een rondje en vlogen toen door. Gezien de uitslag moeten dat de duif van Gerard van de Berg en die van mij zijn geweest. Heel bijzonder dat deze 5 duiven eindigen in de top 10 van de afdeling.

’s Avonds bij het afslaan in de vereniging merkte Mark van den Berg op, dat hoogstwaarschijnlijk de twee kopduiven van Cor Walda ook tot de kopgroep hebben behoord.  Ook wist hij te vertellen, dat -als ik het goed heb onthouden- maar liefst 9 van de eerste 12 duiven van dit concours afstammen van duiven van zijn helaas veel te vroeg overleden broer Henri.

Het zal je niet verbazen, dat ik  die maandagavond maar moeilijk in slaap kon komen.          De volgende morgen moest de duif natuurlijk wel een naam krijgen.  Ik heb gekozen voor  CATCH THE WIND (vang de wind), geïnspireerd door een mooi lied van Donovan. Hij was een Schotse singer/songwriter in de flowerpowertijd. Een tijd waar ik met enige melancholie op kan terugkijken.   

Tussenjaar

Een tussenjaar is bedoeld om de horizon te verbreden en ideeën op te doen, aldus Wikipedia. Ik voel me dit jaar ook een beetje in een tussenjaar zitten. De jaren ( 73! ) beginnen hier aardig mee te tellen. Ik ervaar, dat twee disciplines spelen me teveel werk en spanning geeft. Al eerder schreef ik in dit Blog al over de plannen die Matthijs en ik voor dit jaar hadden en voor volgend jaar hebben. Nu merk ik dat ik in gedachten al vaak bezig ben met de situatie zoals die in 2025 zal zijn: Geen marathonduiven meer op mijn erf, maar wel dagfondduiven. Daarmee neem ik ook afscheid van het nestspel en zal ik totaal weduwschap gaan spelen.

De bedoeling was om dit seizoen op de dagfond eens volgens het systeem van Gerrit Jan Beens te gaan spelen. Maar toen in april die duiven vooreerst op weduwschap werden gespeeld, kwamen er een paar bescheiden succesjes. Na nog een week broeden – wegens eerder aangegaan verplichtingen – werden ze toch weer op weduwschap gezet. Ondanks dat de hokinrichting daar niet optimaal voor is.

De ren, waar ’s nachts de doffers en overdag de duivinnen in zitten.

 Ik dacht: “Waarom zou ik nu al niet vast proberen te wennen aan het totaal weduwschap spelen? Dan weet ik volgend jaar al enigszins wat wel en wat niet werkt. En het begon er al aardig op te lijken, al vond ik het wel apart, dat de doffers het beter deden dan de duivinnen.  Omdat slechts 5 van die 18 dagfondduiven overjarig zijn, heb ik ze niet eerder op de dagfond gespeeld dan  op 29 juni jl.  Gray werd een pittige vlucht , waar mijn jonge ploeg het best moeilijk mee had. Mooi was wel, dat een van de laatste jongen van de 14-jarige Blue Surprise mijn eerste was. Jammer dat twee duiven achterbleven, waaronder mijn eerstgetekende.

Maar intussen hebben we ook alweer 3 marathonvluchten achter de rug. Daarbij waren de resultaten aanvankelijk niet best. Op Ruffec had ik 8 tweejarigen mee en ik had goede verwachtingen. Maar dat liep heel anders. Slechts 2 duiven vlogen prijs en bovendien bleven er 2 achter, waaronder eerstgetekende  Layla. Zij vloog vorig jaar de  5e NPO Bordeaux op 1336 duiven! 

Daarna volgde Sint Vincent, waarvoor ik 3 doffers aan de start kon brengen: Twee oude doffers van 2018 en een van 2021. De laatste had nog geen potten gebroken, de andere twee hadden in de afgelopen 5 jaar al een mooi aantal prijzen gewonnen, vooral als het zware vluchten betrof.  Deze editie van Sint Vincent was van een veel lichter kaliber, door de staartwind die ze hadden. Het werd voor mij een grote misser.  Al met al een voorzomer die mij weinig voldoening gaf. 

Maar toen kwam de ochtendlossing Perigueux. Ik had 2 overjarigen en 10 jaarlingen ingekorfd op jongen van 6 tot 10 dagen. Op de dag van lossing kreeg ik 2 duiven, waarvan de Rode 623 mijn eerste was. Vier minuten later volgde de Rode 663. Eindelijk een mooie oppepper!!

Deze Rode 623 , nazaat van de duiven die 2022 tot een topjaar maakten, won de 41e prijs op 2908 duiven.  Mede gezien het feit dat Han Voerman uit Soest op Ruffec tegen 6900 duiven in Sector 3 de 17e prijs wint met een jaarling kleindochter van Spirit en Lucky, lijkt het er steeds meer op dat we met deze lijn vertrouwvol de toekomst tegemoet kunnen.

En tot mijn verbazing kwam de rest de volgende morgen ook vrij vlot. Zo goed zelfs, dat ik 5e Grootmeester over deze vlucht werd van Afdeling 8. Ook de laatste duif kwam die morgen aan.  DAT GEEFT DE BURGER MOED.

Voor de tweede keer in mijn leven heb ik deze week een duif meegegeven naar Barcelona. Met mijn broer ben ik naar het NIC Nieuwleusen gereden en heb ik gevoeld, wat voor impact deze vlucht op liefhebbers heeft. Wat heeft de inkorfcommissie het daar goed voor elkaar! Het is inmiddels het meeste noordelijke inkorfcentrum in Nederland en er waren 61 liefhebbers die 286 duiven inkorfden. Ik maak mij geen illusies, maar ik heb de 6-jarige Siem ingekorfd, die dit moet aankunnen.

Omdat de planning niet helemaal goed verliep, zult u mij niet aantreffen op de uitslag van Cahors, omdat ik daar geen duiven op goede stand voor heb zitten. Mijn laatste pijlen in Marathonland zijn gericht op Bordeaux en Bergerac. De nieuwste generatie marathonduiven verschijnt a.s. vrijdag bij Matthijs aan de start voor hun eerste africhtingsvlucht. Zijn kleurrijke groep heeft een zeer gedegen opleiding gehad.  Bij mij gaan de jonge duiven ook mee, maar ik zal eraan moeten wennen, dat blauw de overheersende kleur op mijn hok wordt…. En in ieder geval hoop ik volgend jaar om deze tijd enkele mooie Marathonvluchten bij Matthijs te mogen meemaken.

De jonge garde voor 2024.

Nieuwe doorstart in uitvoering

In mijn vorige blogbericht deed ik o.a. verslag van de aanschaf van versterking voor de marathonvluchten. Daarbij ging het vooral over de duiven die kwamen van Huygens/Van der Molen uit Bant. Voor een nieuwe impuls voor de dagfond  zijn we nog dichter bij huis gebleven: clubgenoot Johan de Vries. Bij hem haalden we allereerst een zoon van zijn beste koppel: Havik x Nicole 909. Eigenlijk hadden we deze duif als duivin gekocht en Anneke genoemd, naar Johans moeder. Nadat er zelfs een test in het laboratorium van Gendika aan te pas was gekomen , bleek het toch een doffer te zijn. En zo werd Anneke Anco!

Verder kochten we van Johan ook nog een ingeteelde doffer, uit Jennes en een volle zuster van hem.

Tenslotte wisten we via een liefhebber die stopte met de duivensport aan een zoon van Johans Miss TT te komen. Mooie bijkomstigheid was, dat deze doffer inmiddels al de grootvader is van de 3e Nationale Asduif jong van Edwin Timmerman. Helaas hebben we de fout gemaakt een andere duif -met dezelfde eindcijfers in het ringnummer – mee te geven aan een clubgenoot om door Henk Storm te worden gefotografeerd.  Die foto zal er zeker nog wel dit jaar komen, maar hierbij al vast de stamkaart.

Enkele weken geleden was er door Johan en zijn medebestuurder Roel van Bruggen weer een jaarlingenkeuring georganiseerd voor de leden van De Postduif, Kampen. Hieraan is een competitie verbonden, waarbij het erom gaat welke jaarling in 2024 de meeste kampioenspunten bij elkaar sprokkelt. Omdat er nu ook een aparte competitie voor marathonduiven komt, besloot ik maar weer eens mee te doen. Ik vond het moeilijk een keuze te maken, vooral omdat de conditie van de duiven niet super was, omdat de doffers op drijven stonden. Uiteindelijk koos ik voor een klein zwart duivinnetje, gekweekt uit twee jaarling kweekduiven. Drie goede grootouders van het zwartje zijn: Going Home, Auke en Pipa.

De keurmeester van dienst was William Geurtz uit Haalderen,  commercieel manager bij GPS. Op bovenstaande foto ziet u het zwartje helemaal linksboven zitten. Zij eindigde als 3e beste jaarling en als 1e beste marathonduif  in een ‘veld’ van 27 jaarlingen. Nu maar afwachten of zij deze verwachting kan waarmaken.

In mijn vorige blogbericht schreef ik ook over twee kleinkinderen van Lucky en Spirit, die op de finale van de OLR  Thailand Masters als 43e en 76e afgevlagd werden. Van Bernhard Bramsiepe kreeg ik nog 2 foto’s toegestuurd, waarop ook nog eens vermeld stond , dat zij in het klassement van de asduiven hoog geëindigd zijn. 

Deze week had Bernhard weer goed nieuws: Een achterkleinkind van diezelfde Lucky en Spirit vloog op de eerste 3 Hotspots van de OLR Europa Masters in Spanje  de 13e, 14e en 6e prijs!! Ik ben benieuwd wat die nog meer gaat uitspoken!

Zoals  hier gebruikelijk hebben we de kweek- en vliegduiven weer op de laatste vrijdag van januari gekoppeld. Dat betekent, dat de eerste ronde jonge duiven deze week gespeend wordt. En wéér grijp ik even terug naar mijn vorige blogbericht, waar het ging over een nieuwe start voor Matthijs. Want hij kwam onlangs met een mand langs om de eerste jonge duiven voor zijn vlieghok op te halen.

En in mijn jonge duivenhok hebben dan ook de eerste dagfondjonkies een plek gekregen. Over een week of 3 kan ik bij Matthijs de 2e ronde van de dagfondkwekers ophalen. En de door hem gekweekte marathonduifjes blijven mooi bij hem op het hok. Nu maar rustig afwachten hoe  dit alles zich zal uitkristalliseren tijdens het vliegseizoen 2024!

Nieuwe doorstart op komst!

In mijn laatste blog liet ik al weten, dat er wat de duiven betreft een verandering staat aan te komen in huize Kok. Mijn zoon Matthijs, die jarenlang de scepter zwaaide over onze kweekduiven, wil ook graag weer aan de wedvluchten deelnemen, vanaf zijn eigen erf. Het is de bedoeling, dat hij vanaf 2025 alle marathonduiven voor zijn rekening neemt: kweekduiven, vliegduiven en jonge duiven.      
Op mijn eigen erf worden dan alle dagfondduiven ondergebracht.

Met de aankoop en plaatsing van een ren vóór de hokken heeft Matthijs zijn accommodatie verder geoptimaliseerd.  En…  de nieuwe doorstart begint eigenlijk al in juli 2024.
Het is namelijk de bedoeling dat hij de te kweken jonge marathonduiven van 2024 gaat huisvesten in het rechter gedeelte van onderstaand hok. 
Bij mij krijgen dan alle jonge dagfondduiven een plaats.

NIEUWE KWALITEITSINJECTIE?

Zoals zo velen blijft Matthijs ook altijd op zoek naar versterking van onze/zijn kolonie duiven.            Dit najaar kocht hij op een bon een knappe jonge doffer van de combinatie Huygens/Van der Molen uit Bant. Deze fanatieke liefhebbers timmeren de laatste jaren flink aan de weg. Toen we het doffertje gingen ophalen, waren we erg onder de indruk van de schitterende accommodatie, de fantastische duiven en zeker ook de warme ontvangst.

Die goede indruk is wel even blijven hangen, want een dikke maand later nam Matthijs weer contact op met Frank (Huygens). Door ruiling is er een tweede doffer gekomen en door aankoop nog een derde. Eén daarvan komt uit hun topdoffer Tukkepoot. Die won de 1e  Bergerac in Sector 4 en de 1e NPO Dax. De ander uit een super kweekduivin.

PRACHTIGE REFERENTIE.

In de tweede week van het nieuwe jaar kregen we een prachtige referentie van Bernhard Bramsiepe uit Duitsland. Al geruime tijd neemt hij samen met zijn maat Manfred Weiner onder de naam Team Verl  deel aan eenhoksraces.  Twee jaar geleden informeerde Bernhard bij ons voor versterking . Hij kocht toen twee jongen – een doffer en een duivin – uit Spirit  x Lucky.       Nu is gebleken dat Team Verl zowel uit  die jonge doffer van toen als uit  die duivin een jong heeft ingezonden voor de Thailand Masters.     

Er werden vanuit de hele wereld maar liefst 5198 duiven ingeschreven. Voor de finale op 10 januari jl. werden uiteindelijk 1541 duiven ingezet van 743 internationale liefhebbers. Het werd een zeer zware finale: Afstand 530 km. Snelheid eerste duif 1128 m/min. Temperatuur 34 graden. Kopwind.  Vorig jaar wonnen zij de Thailand Masters!!        Dat lukt je niet zo maar twee keer achter elkaar, maar Bernhard schreef, dat hij ook nu erg tevreden was: Van de 78 duiven die nu op de dag van lossing thuis kwamen, waren er 3 van team Verl. Daarbij waren ook die twee kleinkinderen van Spirit en Lucky!! Ze werden 43e en 76e.         Erg fijn om te horen dat duiven van ons soort het zo goed hebben gedaan aan de andere kant van de wereld!

START KWEEKSEIZOEN.

Zoals de laatste jaren gebruikelijk is, worden onze kweekduiven en vliegduiven op de laatste vrijdag van januari gekoppeld. Als het lukt gaan alle eieren van de kweekduiven onder de vliegduiven.    Daarna worden de meeste kwekers omgekoppeld en brengen ze die ronde zelf groot.    Over de aankoop van enkele dagfondduiven kunt u lezen in mijn volgende blogbericht.            We gaan zien wat seizoen 2024 ons gaat brengen.                     

“We hebben jouw blog gemist”

“We hebben jouw blogs gemist”, dat zei onlangs Dirk Jansen namens een paar clubmaten, toen we een vergadering hadden. Op zich vond ik dat een mooie opmerking. Kennelijk vallen mijn blogberichten wel in de smaak. Maar er klonk ook een licht verwijt door, en terecht!!      Mijn streven was om met regelmaat een blogbericht te schrijven. Maar ja, het valt niet altijd mee.    Je moet er wel gemotiveerd voor zijn en de nodige inspiratie hebben. En…een blogbericht als dit kost me wel een paar uur.  De inspiratie komt meestal vooral door het verloop van de vluchten. En eerlijk gezegd: 2023 was een minder jaar dan 2022.

Met name de dagfondvluchten vielen soms  letterlijk maar figuurlijk helemaal in het water. Scharnierpunt was het weekend van 10 juni. Een week van tevoren leek het er al op, dat Gien een moeilijke vlucht zou worden. Die hele week heb ik gedubd of ik mijn jaarlingen er nou wel of niet op zou zetten. Tenslotte heb ik met het motief ‘Ze hebben zo’n mooie neststand’ en ‘Ze hebben vorig jaar het hele jonge duivenprogramma afgewerkt’ de meeste jaarlingen op die tweede dagfondvlucht ingekorfd. Een paar andere gingen naar de vitessevlucht van dat weekend.

Het werd een gigantische tegenvaller. Er werd in afdeling 8 maar één prijs 1 op 10 gewonnen en daarna nog een handvol prijzen 1 op 4. De helft van de duiven moest de volgende dag nog komen. Vier stuks gingen echter verloren en ook nog eens drie van die vitessevlucht. De eerstvolgende vlucht was Chateauroux (709 km) en die vlucht heb ik niet meegedaan, in de hoop dat ik ze voor de 4e en 5e vlucht nog op de rit kon krijgen. Maar helaas lukte dat ook niet. Mijn slechtste dagfondseizoen ooit, voor zover ik het kan overzien!

Layla

Wat de marathonvluchten betreft: Vooraf wist ik, dat ik aan het jaar 2022 niet zou kunnen tippen. En zo liep het ook. Toch zijn er 3 vluchten waar ik met plezier naar terugkijk. Voor het eerst in mijn leven korfde ik ‘maar liefst’ vier duiven in op Sint Vincent. Drie van de vier speelden zich zodanig vroeg in de uitslag, dat ze voor de 4e  Beste Hokprestatie van Sector 3 zorgden tegen 494 duivenliefhebbers! Op Bordeaux vloog Layla,  een jaarling Rekker-Westra duivinnetje,  de 5e Teletekst tegen 1336 duiven in Afdeling 8. En op Bergerac vloog   een jaarling Rekker-Westra doffer de 27e prijs tegen 2898 duiven in Afdeling 8. Bovendien eindigde hij met deze prestatie op de 3e plaats bij de Jaarlingringenrace van Marathon Noord.

Ook op de vluchten met de jonge duiven kan ik met tevredenheid terugkijken. In mijn blogbericht van 24 april heb ik mijn begeleiding van de jonge duiven in de eerste maanden uitgelegd: Als pieper al regelmatig een nacht in de mand en leren eten en drinken in de mand. Daarop volgde het zelf opleren van de jonge duiven in 9 stappen. De wedvluchten verliepen goed dit jaar. En dan kijk ik niet zozeer naar prestaties. Mijn accommodatie is te klein om ook met jongen te kunnen schitteren, is mij in 2022 nog eens gebleken. Sowieso is het vrijwel onmogelijk om dat met marathonduiven te doen. Maar ik werd er wel blij van dat er maar weinig jonge duiven achterbleven. Ik zou het moeten opzoeken of ik in de laatste 20 jaar al eens zo’n hoog percentage jonge duiven heb overgehouden. Dus konden Matthijs en ik echt selecteren uit het grote jonge duivenbestand.

Op het succesvolle jonge duivenseizoen volgde een vlekkeloze rui. Als voer kregen de duiven hoofdzakelijk de Championsmix van Embregts, dat ook in het vliegseizoen mijn basisvoer was. Wel werd  er elke dag lijnzaad aan het voer toegevoegd, zoals mijn vader altijd al deed. Geprobeerd werd om de duiven nu tweemaal per week een bad te geven. Voor de oude duiven gebeurde dat meestal in de ren voor het hok. In de zomer durf ik de jongen – die geen ren voor het hok hebben – best wel een bad in het hok te geven.  Maar in de herfst zou de vloer te lang nat blijven en daarom zet ik het bad dan op het dak.

Wat doe je, als je als melker bent afgekickt van het vliegseizoen?  Plannen maken voor het nieuwe natuurlijk.  Gaande het seizoen ( vooral gaande dít seizoen) ontstond bij Matthijs en mij het verlangen om meer duiven op de marathons te spelen en wat minder op de dagfond. Vandaar dat ik het scheidingswandje in het vlieghok van de oude duiven verplaatst heb. Waren er in 2023 13 bakken voor de dagfond en 12 voor de marathons, in 2024 zullen dat er 9 voor de dagfond en 16 voor de marathons zijn.

Ondanks dat het aantal vliegduiven op de dagfond dus kleiner wordt, staan we niet stil in de zoektocht naar versterking. We zijn erg blij dat we onderstaande duivin van Johan de Vries hebben kunnen kopen, een dochter van zijn beste kweekkoppel.

Verder hebben we de kuur tegen paratyfus net afgesloten en zijn ze pas geënt.  In december volgt dan nog de enting tegen paramyxo.  Tenslotte……. is er voor de lezer wellicht nog verrassend nieuws:

Zoals de meesten wel weten is mijn zoon Matthijs zijn hele leven al dol op duiven geweest. Hij heeft zelfs met  mij in combinatie gevlogen en ook zelfstandig als jeugdlid. De laatste jaren beheerde hij ons kweekhok. Welnu…  HET BEGINT BIJ HEM WEER TE KRIEBELEN!!  Hij wil erg  graag ook vanaf zijn eigen erf gaan vliegen.  We denken een manier te hebben gevonden, die voor beiden voordelen heeft.  Dat alles zou op het  onderstaande kweekhok,  uhh ….vlieghok moeten gebeuren.  Maar daarover hopelijk meer in een volgend blogbericht.